« Toon alle blogberichten

Slager keur je eigen vlees!

24 januari 2012 10:56

In de uitvoerende bouw is certificering overeenkomstig de eisen neergelegd in de NEN ISO 9001 of NEN ISO 9002 in veel gevallen de grondslag voor een kwaliteitssysteem. Een dergelijk keurmerk wordt vaak door opdrachtgevers gevraagd bij de aannemersselectie.

De ISO-normen bieden de nodige ruimte om naar eigen inzicht en belang een kwaliteitssysteem op te tuigen. Een ISO-certificaat is hiermee geen garantie dat een werk ook aan de gestelde kwaliteitseisen voldoet.

Daarbij komt dat de aannemer niet zonder meer contractueel verplicht is aan te tonen wat hij precies allemaal zelf aan kwaliteit doet.

Pas als er sprake is van schade of een gebrek kan de opdrachtgever rechtens een beroep doen op het kwaliteitssysteem van de aannemer. Er moet dus eerst iets fout gaan!

Hiermee mag je er niet van uitgaan dat de aannemer, met of zonder certificering, de risico’s voor een opdrachtgever wel zal wegnemen.

Van algemeen naar specifiek
In veel gevallen is het kwaliteitssysteem een beschrijving van de wijze waarop bedrijfsprocessen zijn georganiseerd en hoe werkzaamheden in algemene zin dienen te worden uitgevoerd. Het algemene karakter is precies waar de schoen vaak wringt. De kwaliteitsborging dient nu juist projectspecifiek te zijn. Dit kan middels een op het werk toegesneden projectkwaliteitsplan. ‘Kan’ is de voorzichtige formulering want dit is natuurlijk hoe het eigenlijk moet. De insteek hiervan is het zoveel mogelijk voorkomen van risico’s. De opdrachtgever dient deze risico’s in eerste instantie zelf inzichtelijk te maken. De aannemer weet immers niet automatisch welke risico’s de opdrachtgever allemaal loopt. Gebaseerd op de risico-inventarisatie en evaluatie vanuit het ontwerp moet specifiek worden ingezoomd op mogelijke problemen tijdens de uitvoeringsfase. Dit gaat niet slechts over het benoemen van wat meer exotische ontwerpbijzonderheden. Alle mogelijke risico’s moeten zorgvuldig tegen het licht worden gehouden. Is dit gedaan dan kunnen preventieve maatregelen volgen. Zoals met alles, het valt of staat met het doen. Gebeurt dit?

Zelfcontrole
De aannemer dient de kwaliteit van het werk dan ook zelf structureel te controleren en te borgen. Dit is geen kwestie van achteraf ‘iets’ keuren maar een dagelijkse taak. Voor het project in totaliteit is een kwaliteitsplan hiervoor het aangewezen instrument. Afhankelijk van de omvang van het project moet een kwaliteitsplan worden verbijzonderd in werkplannen in combinatie met verificatieplannen voor het ontwerp en keuringsplannen voor de uitvoering. Dat ‘iets’ is op deze manier specifiek.

Waar is er winst te behalen?
Waar de kwaliteitsbewaking voor zowel opdrachtgever als aannemer op ziet komt voor een groot deel overeen. Daar waar de overlap zit is dan ook winst te behalen. Dit vraagt met name van de aannemer meer openheid. Vanuit de opdrachtgever richting aannemer is dit al ‘gewoon’. Voor de opdrachtgever is die noodzaak vanzelfsprekend om überhaupt te kunnen sturen in kwaliteit. Vanuit de uitvoering richting opdrachtgever is het voor een deel met de billen bloot gaan: laat maar zien wat je op welke manier zelf aan kwaliteitscontrole doet. Hierbij ga je niet op elkaars stoel zitten of verantwoordelijkheden anders regelen. Iedereen is en blijft verantwoordelijk voor zijn eigen werk. Je gaat dan ook niet het werk van een ander nog eens dunnetjes overdoen. Je kijkt in eerste instantie of het wordt gedaan. Het effect hiervan is dat het kwaliteitsbesef en -handelen op een hoger niveau wordt gebracht met als doel dat er minder fouten worden gemaakt, er minder frustraties zijn, een beter afstemming plaatsvindt, meer efficiency.

Is dit helemaal nieuw?
Ja en nee. Voor partijen waarbij het opdrachtgeverschap en uitvoering meer met elkaar zijn vervlochten is een dergelijke handelwijze al meer gewoon. Voor andere situaties is het wel vaak nieuw.

In de praktijk brengen
Bouwpartners moeten de winst ook willen zien. Dit begint met de opdrachtgever zelf. De wens of eis moet concreet worden door er met de uitvoering afspraken over te maken. Zoals met alle afspraken maken: dat doe je vooraf. Heb je te maken met een aannemer die zich hiertegen verzet dan moet je je eens goed achter de oren krabben. Is dit dan wel de partij waar je zaken mee wilt doen? Hier kun je natuurlijk in sturen door de vereisten bij de aannemerselectie aan te geven, dan moet het handen en voeten krijgen. Heeft de aannemer een kwaliteitssysteem, zo ja wat? Wordt dit op het project toegesneden, zo ja hoe? Is er een kwaliteitsplan of iets vergelijkbaars? Hoe zit het met de werkplannen, verificatieplannen en keuringsplannen? Kun jij aannemer mij periodiek inzicht geven in jouw keuringen? Maak daar heldere afspraken over.

Is hiermee een groot geheim ontsloten?
Nee, natuurlijk niet. In veel gevallen zal de aannemer best inzicht (willen) geven in zijn werkplannen en dergelijke. Dat is een kwestie van gewoon vragen. Worden de vereisten beter en specifiek benoemd dan krijgt het structuur en een meerwaarde.

Ja, aannemer ik verwacht dat jij je eigen vlees keurt maar laat mij, opdrachtgever zien dat je dat ook doet.

Kunnen wij u hierbij helpen? Dat doen we uiteraard graag.

Pieter Plass

 

Misschien ook interessant voor u: flexibele inspectielijsten.

  • Rubriek
 
Knooble-servers zijn CO2-neutraal gemaakt door Groencontract.nl!